Naar het overzicht

Marion - even wat minder belangrijk

Als staffunctionaris bij Ananz, werk ook ik sinds 16 maart vanuit huis. We hebben gelukkig een ruim huis, dus iedereen heeft een eigen werkplek. Fijn, want ook mijn man en zoon werken en studeren thuis. Ik beschik over alle faciliteiten, dus praktisch gezien mag ik niet klagen. Maar toch, het was even wennen toen we ineens hele dagen samen thuis waren.

 

Op afstand

De eerste periode heb ik ook erg moeten wennen aan de letterlijke en figuurlijke afstand tot het werk. Ik voelde me thuis niet direct betrokken bij de coronacrisis en de hectiek die dat veroorzaakte bij Ananz. Ik vond het een gemis dat ik niet even snel kon binnenlopen bij een collega om kort af te stemmen. Nu moest dat via mail en dat is toch anders.

 

Ritme

Gelukkig vond ik samen met mijn gezin al gauw een nieuwe ritme en dat bevalt goed. Op werkdagen gaat mijn wekker om 7.00 uur en zit ik een uur later al achter mijn laptop. We drinken samen koffie en zo tegen 12.15 uur roept er altijd wel iemand dat het lunchtijd is. Omdat de dagen zo op elkaar lijken nu ik niet naar kantoor toe ga, moet ik soms echt even nadenken welke dag het is. Ik merk dat de scheidslijn tussen privé en werk is vervaagd, alles loopt wat meer door elkaar omdat ik thuiswerk.

 

Contact

Had ik in het begin nog de hoop dat het thuiswerken maar kort zou duren, inmiddels weet ik wel beter. Ik heb me er bij neergelegd en een andere manier gevonden om contact te houden met collega’s. De meeste afspraken doe ik nu telefonisch. Ik merk dat telefonisch overleg vaak efficiënter is en soms zelfs persoonlijker dan een overleg op locatie. Toch mis ik wel het spontane, informele en directe contact met mijn collega’s. Het samen lachen en het delen van ervaringen. Het is heel dubbel: ik zie veel minder mensen en de muren komen thuis soms echt op me af, maar ik vind het ook heerlijk om daar in alle rust mijn werk te kunnen doen.


De toekomst

Ik vind het heel mooi om te zien en horen dat in deze tijden van crisis de zorgverlening ‘gewoon’ doorgaat. Iedereen doet zijn uiterste best voor onze cliënten, ondanks alle beperkingen en ongemakken. ‘Op afstand’ ben ik wel gaan nadenken over het nut en de noodzaak van mijn werkzaamheden. Sommige zaken zijn even wat minder belangrijk in tijden van crisis, andere dingen zijn juist noodzakelijk. Er is nu even minder administratieve rompslomp, even geen HKZ en geen aanlevering van indicatoren, maar we zijn teruggegaan naar de basis en doen waar we goed in zijn; zorgen.
Ik hoop dat we dat in de toekomst samen vast kunnen houden en dat ik het met mijn werkzaamheden mag blijven ondersteunen.