Naar het overzicht

Ilse - niet naar buiten

Ik zit met haar op haar kamer. Zij in een transport-rolstoel, ik op een kruk. We wachten op de ergotherapeute want de juiste rolstoel is binnen en moet nog afgesteld worden. Ze kijkt me onzeker aan.

Puzzels

Mevrouw is net bij ons komen wonen en haar kamer is vandaag verder ingericht. Ik zie een stapel puzzels staan. ‘Wat een mooie puzzels. Mag ik even kijken?’ vraag ik. Haar ogen lichten op. ‘Ja mooi hè, ik puzzel graag’ zegt ze. Ik pak de stapel op en zie dat er puzzels tot 1000 stukjes bij zitten. ‘Ik puzzel ook graag’ zeg ik. ‘Toevallig heb ik nog een foto van een puzzel op mijn telefoon’. Ik laat haar de foto zien. ‘Die is wel moeilijk’ zegt ze. Ik vertel aan haar dat ik die van onze dochter heb gehad.

Niet naar buiten

Ik leg uit dat ik die puzzel heb gehad omdat we nu niet buiten kunnen. ‘Ja daarom zie ik mijn kinderen ook niet’ zegt ze verdrietig. ‘Waarom mogen we niet naar buiten?’ ‘Omdat er een virus, een soort griep, is die iedereen erg ziek maakt’. Ze knikt maar of ze het begrijpt dat weet ik niet zeker.
De ergotherapeute komt binnen en ik laat hen alleen.

Tranen

In de middag leggen we contact met de dochter en vragen of ze wil beeldbellen. ‘Ja graag, ik wil mijn moeder graag zien’, zegt ze. Wanneer mevrouw haar dochter ziet vloeien de tranen rijkelijk. ‘Ik vind het heel rot voor jou. Ik mis het ook om op bezoek te komen’. Haar dochter heeft verder nog troostende woorden voor haar en na een tijdje wordt mevrouw wat rustiger. Een klein gebaar voor zowel de familie als de bewoner die beiden aan huis gekluisterd zijn.